WIE?


Kunnen als student worden beschouwd: de jongeren van 15 jaar of ouder die niet meer aan de voltijdse leerplicht onderworpen zijn. Iedere bezoldigde overeenkomst als student is onderworpen aan socialezekerheidsbijdragen, behalve:

  • indien de student werkt op basis van een studentenovereenkomst zoals bedoeld bij Titel VII van de arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978   
  • voor maximum 475 uren bij één of meerdere werkgevers (= het contingent)
  • buiten de periodes van verplichte aanwezigheid in de onderwijsinstelling. Onder periodes van verplichte aanwezigheid in de onderwijsinstelling wordt verstaan: de momenten waarop de student geacht wordt de lessen of activiteiten te volgen aan de onderwijsinstelling waaraan hij verbonden is.

Hij en zijn werkgever zijn dan geen gewone RSZ-bijdragen verschuldigd, maar enkel een 'solidariteitsbijdrage'.


STUDENTENOVEREENKOMST


Op basis van een ondertekende studentenovereenkomst geeft de werkgever via Dimona het aantal uren aan waarop hij de student zal tewerkstellen (= geplande uren ). 


CONTINGENT 475 UREN


De uren worden geteld per kalenderjaar en kunnen vrij gespreid worden over het kalenderjaar. Dit houdt in dat de teller bij het begin van ieder nieuw kalenderjaar op 475 resterende uren wordt gezet. Op basis van de in de Dimona aangegeven uren wordt het aantal resterende uren aangepast.


Enkel de uren die effectief gepresteerd worden, moeten worden meegeteld. De uren voor feestdagen, betaalde ziektedagen en andere uren waarvoor de werkgever een loon betaalt, maar die geen werkelijk gepresteerde arbeidsuren zijn, moeten niet aangegeven worden.


SOLIDARITEITSBIJDRAGE

De solidariteitsbijdrage is enkel van toepassing op de eerste 475 uren die in Dimona worden aangegeven met werknemerstype 'STU'. Het is dus het aantal meegedeelde uren op het moment dat de Dimona wordt uitgevoerd (of het moment waarop op basis van de ingediende kwartaalaangifte het contingent wordt aangepast) dat bepalend is voor de berekening van het contingent en niet de datum van tewerkstelling zelf.

Vanaf 1 juli 2016 kan er gekozen worden of de solidariteitsbijdrage wordt toegepast of niet. Aangezien dit zowel gevolgen heeft voor de student als voor de werkgever wordt deze keuze best op voorhand besproken en eventueel vastgelegd in de overeenkomst.  Het 'type werknemer' dat in Dimona wordt aangegeven bepaalt of het gaat om de solidariteitsbijdrage (STU) of niet (EXT - OTH).  

 

Als het contingent wordt overschreden, zijn er RSZ-bijdragen verschuldigd vanaf het 476ste uur.

  

STUDENT@WORK


De student kan het aantal resterende uren (= het aantal uren waarop hij nog kan werken tegen solidariteitsbijdragen) consulteren via de webapplicatie  student@work die beschikbaar is op de website www.studentatwork.be 
De student kan er ook een attest met het aantal resterende uren afdrukken of verzenden via elektronische post. Dit attest bevat ook een toegangscode waarmee de werkgever zelf het studentencontingent kan raadplegen via de webapplicatie student@work die beschikbaar is op de beveiligde omgeving van de portaalsite van de sociale zekerheid. 
Deze toegangscode blijft geldig in de maand waarin het attest werd aangemaakt en de twee daaropvolgende maanden. 


HOE?


In PratoFlex moet er voor een student altijd een attest van het type 'Jobstudenten uren contingent' worden toegevoegd in de personenfiche om deze student onder contract te kunnen zetten. Op dit attest kan het aantal uren ingevuld worden die de student al reeds gewerkt heeft gedurende het huidige kalenderjaar in het veld 'Aantal uren gewerkt'. Dit kan dus maximaal maar 475u bevatten. 


Vervolgens moet er een studentenstatuut in de personenfiche geactiveerd worden. Voor studenten bestaan er verschillende statuten. Klik HIER om alle mogelijke studentenstatuten te raadplegen.